Wie onderhoudsuitkeringen betaalt na een echtscheiding, vertrekt vaak van één vaste overtuiging: “Dat is fiscaal toch grotendeels aftrekbaar.” Dat was jarenlang correct. Maar sinds 1 januari 2025 klopt dat verhaal niet meer. En opvallend: zeer veel onderhoudsplichtigen hebben dit nog niet door.
Een fiscale spelregel is fundamenteel veranderd
Tot eind 2024 waren onderhoudsuitkeringen:
- voor 80% aftrekbaar
- zonder plafond
- met een fiscaal voordeel dat in de praktijk vaak meer dan 40% van het betaalde bedrag bedroeg
Voor heel wat gescheiden ondernemers en kaderleden maakte dat het verschil tussen “net haalbaar” en “financieel verstikkend”. Met de wet van 18 december 2025 (B.S. 30 december 2025) heeft de wetgever echter ingegrepen.
De aftrek smelt weg. En sneller dan je denkt.
De aftrekbaarheid van onderhoudsuitkeringen wordt stapsgewijs afgebouwd:
- 70% aftrekbaar voor bedragen betaald of toegekend vanaf 1 januari 2025
- 60% vanaf 1 januari 2026
- 50% vanaf 1 januari 2027
Die eerste verlaging geldt met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2025.
Met andere woorden: wie vandaag alimentatie betaalt op basis van oude fiscale logica, betaalt netto méér dan ooit bedoeld was.
Sommige uitkeringen zijn zelfs volledig niet meer aftrekbaar
Sinds 1 januari 2025 zijn onderhoudsuitkeringen die worden betaald aan een persoon die geen inwoner is van een EER-lidstaat, volledig niet meer aftrekbaar. Dat is geen nuance, maar een fiscale breuklijn. Waarom doet de wetgever dit? Omdat het oude systeem volgens de wetgever fundamenteel scheef zat:
- Samenwonende ouders genieten geen fiscaal voordeel voor de kosten van hun kinderen
- Gescheiden ouders konden dubbel voordeel genieten:
- aftrek bij de betaler
- toeslag belastingvrije som bij de ouder waar het kind woont
- Ontvangen onderhoudsuitkeringen bij kinderen zijn meestal niet belast
- En hoe hoger het inkomen van de betaler, hoe groter het fiscaal voordeel
Dat alles werd als maatschappelijk moeilijk verdedigbaar beschouwd.
Je overeenkomst is civielrechtelijk, niet fiscaal beschermd
En hier wringt het schoentje. De meeste onderhoudsverplichtingen:
- zijn vastgelegd in een echtscheidingsovereenkomst;
- of opgelegd via een vonnis;
- en werden onderhandeld op basis van oude fiscale parameters
De fiscale spelregels zijn veranderd, maar de onderhoudsbijdrage niet automatisch mee.
Het gevolg? De netto-last verschuift eenzijdig naar de betaler. Moet je dit zomaar slikken? Neen. Maar wees realistisch. Of deze fiscale wijziging op zich zal volstaan om een herziening van de onderhoudsuitkering te bekomen, zal uiteindelijk afhangen van:
- de concrete formulering van het vonnis of de overeenkomst;
- de mate waarin fiscale aftrek expliciet werd verrekend;
- en hoe rechtbanken dit nieuwe kader zullen beoordelen.
Er is geen automatische herziening, maar het argument is wél nieuw, objectief en structureel. En dat maakt het minstens bespreekbaar.
Ons advies bij Cobofisk: wacht niet af
Als je vandaag onderhoudsuitkeringen betaalt, dan is dit hét moment om:
- je netto-impact opnieuw te laten berekenen
- na te gaan hoeveel de fiscale afbouw je werkelijk kost
- deze cijfers mee te nemen naar je advocaat of raadsman
- en te bekijken of een bijsturing verdedigbaar is